Het dieet van onze huisdieren krijgt steeds meer aandacht. Dat is positief, want voeding speelt een grote rol in de gezondheid van hond en kat. Tegelijkertijd komen er steeds meer hypes en trends voorbij. Denk aan graanvrij, rauw vlees, insecteneiwitten, glutenvrij of zelfs ‘keto voor honden’. Maar wat is nu écht goed voor uw dier en wat vooral goed voor de verkoop?
Hier nemen wij enkele populaire voedingshypes onder de loep. Daarbij laten we ons onder andere leiden door het werk van dierenarts en voedingsdeskundige Esther Plantinga, die op wetenschappelijke basis kritisch kijkt naar voeding en voedingsclaims.
Graanvrij: zinvol of hype
Graanvrij voer wordt vaak gepresenteerd als gezonder, beter verteerbaar of zelfs ‘natuurlijker’. Maar honden en katten hebben géén algemene granenallergie. Slechts een klein percentage heeft een overgevoeligheid voor specifieke granen, en ook dan is het meestal een eiwitcomponent die de reactie veroorzaakt. Graanvrij betekent bovendien vaak: meer aardappel of erwtenzetmeel. Wat de samenstelling niet per se beter maakt.
Esther Plantinga stelt in diverse publicaties dat granen voor de meeste honden en katten juist een prima energiebron zijn. Ze bevatten vezels, B-vitamines en ondersteunen een gezonde darmflora. Graanvrij is dus niet automatisch beter, tenzij er een medische reden voor is.
Rauw voeren (BARF): natuurlijk maar niet zonder risico
Rauw voeren lijkt aantrekkelijk: het zou dichter bij het natuurlijke dieet liggen. Voorstanders wijzen naar de wolf en de wilde kat als voorbeeld. Toch is er volgens Plantinga een belangrijk verschil tussen wild levende carnivoren en onze huisdieren: hun leefomgeving, activiteit, leeftijd en medische zorg zijn compleet anders.
Rauw vlees kan besmet zijn met bacteriën zoals Salmonella of Campylobacter. Deze vormen niet alleen een risico voor de hond of kat zelf, maar ook voor mensen in het huishouden. Met name kinderen, ouderen en mensen met verminderde weerstand lopen risico. Daarnaast kunnen rauwe diëten onevenwichtig zijn, met tekorten aan calcium of overtollig fosfor.
Esther Plantinga benadrukt in haar lezingen en artikelen dat rauw voeren alleen verantwoord is bij een compleet uitgebalanceerd menu. Dit vraagt om nauwkeurige berekening en goede hygiëne. ‘Op gevoel’ samenstellen is sterk af te raden.
Glutenvrij voer: vaak overbodig
Glutenvrije diëten voor honden en katten zijn afgeleid van trends uit de humane voedingswereld. Maar glutenintolerantie komt bij mensen véél vaker voor dan bij dieren. Slechts bij enkele hondenrassen, zoals de Ierse Setter, is een erfelijke glutensensitiviteit aangetoond. Voor de meeste dieren is glutenvrij dan ook een marketingterm, geen medische noodzaak.
Volgens Esther Plantinga kunnen veel glutenvrije voeders zelfs minder goed verteerbaar zijn, doordat alternatieve ingrediënten minder consistent zijn in kwaliteit of aminozuurprofiel. Tenzij een arts glutensensitiviteit heeft vastgesteld, is glutenvrij voer dus meestal niet nodig.
Insecteneiwit: hype of toekomst
Voeding op basis van insecteneiwit is in opkomst. Het is duurzaam, diervriendelijk en bevat hoogwaardige eiwitten. Esther Plantinga ziet hier zeker potentie, vooral bij dieren met voedselovergevoeligheid. Omdat insecten een ‘nieuw eiwit’ zijn, is de kans op allergische reacties lager.
Ze waarschuwt wel dat er nog relatief weinig onafhankelijk onderzoek is gedaan naar de langetermijneffecten van insecteneiwit op spijsvertering en stofwisseling bij hond en kat. Als aanvulling of voor specifieke gevallen kan het waardevol zijn, maar het is geen wondermiddel.
Voerlabel lezen is belangrijker dan claims volgen
Wat volgens Esther Plantinga het allerbelangrijkst is: kijk naar de volledigheid en samenstelling van het voer, niet alleen naar de claims op de voorkant van de zak. Een goed voer is afgestemd op de diersoort, leeftijd, grootte, gezondheidstoestand en energiebehoefte van uw dier. En dat ziet u pas echt als u kritisch naar het etiket kijkt.
Conclusie: kies met verstand, niet met gevoel
Voeding is maatwerk. Wat werkt voor het ene dier, werkt niet voor het andere. Hypes kunnen inspirerend zijn, maar zijn zelden een garantie voor goede voeding. Wilt u iets veranderen aan het dieet van uw hond of kat, overleg dan met een dierenarts met kennis van voeding of met een erkend voedingsdeskundige. Ook een goede dierenwinkel of apotheek met voedingskennis kan u hierin begeleiden.
Bij Dierapotheker.nl vindt u voedingen die wetenschappelijk zijn onderbouwd, afgestemd op de behoeften van uw dier.
Meer lezen?
Esther Plantinga schrijft regelmatig over voeding en gezondheid bij hond en kat. Interessante bronnen zijn onder andere:
-
Haar bijdragen aan het Tijdschrift voor Diergeneeskunde
-
Lezingen via Stichting Dier&Voeding en het LICG
- Haar bijdragen op Vetlife, het veterinaire platform
Vragen?
Neem gerust contact op met ons op: [email protected]

Thuisbezorgservice: www.dierapotheker.nl
Veelgestelde vragen over voedingshypes bij hond en kat
1. Is graanvrij voer beter voor honden of katten?
Niet per definitie. Slechts een klein percentage dieren heeft echt een graanallergie. Graanvrij voer bevat vaak alternatieven zoals aardappel of erwten, die niet per se beter zijn. Volgens Esther Plantinga kunnen granen juist voedzaam en goed verteerbaar zijn voor de meeste dieren.
2. Is rauw vlees (BARF) een gezondere optie voor mijn hond of kat?
Rauw voeren kan alleen veilig als het compleet en hygiënisch is samengesteld. Esther Plantinga wijst op risico’s zoals bacteriële besmetting en voedingstekorten. Zelf samengestelde rauwe menu’s zijn zelden volledig uitgebalanceerd.
3. Moet ik glutenvrij voeren als mijn dier huidklachten heeft?
Alleen als er een specifieke glutensensitiviteit is vastgesteld. Bij de meeste honden en katten is glutenvrij voer overbodig. Vaak ligt de oorzaak van huidklachten ergens anders, zoals in vlooienallergie of een andere voedingsintolerantie.